Algemeen

Energielabels kosten kantooreigenaren ruim € 1 miljard meer dan voorspeld3 min lezen

Door: 23 februari 2017 Geen Reacties

Vastgoedeigenaren moeten minstens € 2 miljard investeren om alle Nederlandse kantoren energiezuinig te maken. Meer dan het dubbele dan de € 860 miljoen die toenmalig minister Stef Blok eind vorig jaar aangaf. Hierdoor zal de onderkant van de kantorenmarkt te maken krijgen met leegstand en verloedering. Dat is de voorspelling van vele deskundige partijen op het gebied van renovaties van kantoren.

Verspillend kantoor mag niet meer verhuurd worden

Als een kantoorgebouw geen energielabel C of hoger heeft, mag het vanaf 2023 niet meer worden gebruikt. De renovatie moet door de vastgoedeigenaren zelf betaald worden, maar de benodigde investering kan snel worden terugverdiend door een forse besparing op de energiekosten, volgens Blok. Maar voor oude kantoren op slechte locaties zijn de renovatiekosten dermate hoog en is de huuropbrengst die daar tegenover staat zo laag dat de renovatiekosten onmogelijk terugverdiend kunnen worden.

Een gebouw met label A is heel energiezuinig, omdat het goed is geïsoleerd en bijvoorbeeld led-verlichting heeft. Gebouwen met label G zijn vaak oud (uit de jaren zeventig en tachtig) en slecht onderhouden, met enkel glas.

Renovatie veel duurder

Het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) berekende in opdracht van Blok dat kantoren met label G voor € 57 per m2 kunnen worden omgebouwd naar label C. Om van labels D, E en F naar C te komen, zijn de renovatiekosten tussen de € 5 tot € 37 per m2. Het vervangen van de oude verlichting door led-lampen zou in sommige gevallen al voldoende zijn.

Deze bedragen zijn echter veel te laag, zeggen specialisten op het gebied van duurzaamheid en renovaties. Zij voorspellen dat de totale kosten minimaal op € 2 miljard uit zullen komen.

Veel vastgoedeigenaren zullen dus flink in de buidel moeten tasten als ze hun kantoor over een paar jaar nog willen verhuren. Bijna tweederde van de Nederlandse kantoorgebouwen heeft een lager label dan C, blijkt uit schattingen van het EIB. En meer dan de helft daarvan heeft label G of F.

Investering niet terug te verdienen

Voor een aanzienlijk deel van deze kantoren zullen ook na een grondige renovatie geen nieuwe huurders worden gevonden. Vaak gaat het om kantorenparken langs de snelweg, in satellietsteden of diep in de provincie. Dan is rendabel renoveren niet mogelijk en zal de leegstand fors oplopen. Slopen is duur en verbouwen tot appartementencomplexen geen optie, omdat het geen aantrekkelijke woonlocaties zijn. Verloedering is het gevolg.

Ondanks hoge renovatiekosten, tóch positief over verplicht label

In een markt met te veel kantoren is het goed dat de slechtste panden straks niet meer gebruikt mogen worden, zeggen renovatiespecialisten. Gebouwen zijn goed voor een derde van de Nederlandse CO2-uitstoot. In het licht van het energieakkoord bekeken is deze verplichte verduurzaming van kantoorgebouwen een gunstige ontwikkeling.

————————————————————————

Reactie van een specialist: Energielabels up to date!!!

Als leverancier van een sterk energiebesparend systeem en voorvechter van duurzaamheid zijn we verheugd over deze media aandacht voor Energielabels en de plannen van de regering voor de toekomst van bedrijfspanden.

De kosten zoals die nu door verschillende partijen ‘uit het veld’ berekend worden, geven volgens ons een veel realistischer beeld, dan wat ons het afgelopen najaar door de politiek voorgespiegeld werd.

Huidige energielabelingsysteem is achterhaald

Dat de kleinere investeerders nu met gigantische kosten worden opgezadeld, wordt grotendeels veroorzaakt door een gedateerd labeling-systeem. Daarin wordt niet gekeken naar de daadwerkelijke besparing op het energieverbruik, gekoppeld aan de genomen maatregelen.

Het gaat niet alleen om hoeveel je uitgeeft; het gaat vooral om de effectiviteit van de maatregelen

Bij de oorspronkelijke gekozen uitgangspunten voor de investeringsverplichting, wordt uitgegaan van een terugverdientijd van maximaal 5 jaar uit het rendement. Maar hoe hoog dat rendement zal zijn, blijft moeilijk in te schatten. Geen enkel pand is immers hetzelfde.

Wanneer de besparing die daadwerkelijk gerealiseerd wordt het uiteindelijke label zou bepalen, zou het logischer zijn. De labeling en de voorwaarden hiervoor gaan dan uit van dezelfde basis.

Dit heeft twee voordelen, het blijft financierbaar via het bankwezen en een aanzienlijke energiebesparing betekent daadwerkelijk een grotere stap in de labelverbetering.

eNeef BV