Algemeen

Ja, het nieuwe BTW-tarief gaat ook jou treffen4 min lezen

Door: 18 juli 2018 Geen Reacties

Vanaf 1 januari 2019 krijgt Nederland te maken met een nieuw verlaagd BTW-tarief, deze stijgt van 6% naar 9%. Over het algemeen worden producten en diensten in Nederland belast met 21%, enkele uitzonderingen vallen op dit moment onder het tarief van 6%. De stijging naar 9% zal iedere ondernemer gaan treffen, zowel zakelijk als privé.

Iedere ondernemer is anders, waardoor dit nieuwe BTW-tarief iedere ondernemer op een andere manier zal gaan treffen. Zo krijgen onder andere fietsenmakers, kunstenaars en bedrijven in de horeca het zwaarst te maken met dit nieuwe BTW-tarief. Hun prijzen zullen spoedig met 3% stijgen.

Nu lijkt een stijging van 3% niet veel, tenslotte gaat het voor iedere €10 om slechts 30 cent. Het verhoogde BTW-tarief lijkt vooral voor consumenten een invloed te hebben. Toch krijgen ondernemers in bepaalde sectoren naar verwachting ook te maken met een kleine afname van de koopkracht.

Hieronder schetsen wij enkele veel voorkomende scenario’s waarbij het nieuwe verlaagde BTW-tarief invloed zal hebben op de omzet van een onderneming. Hiermee bieden wij jou meer duidelijkheid over wat jij van het nieuwe BTW-tarief zult gaan merken.

Dit verandert er voor bedrijven binnen het verlaagde BTW-tarief

Als jouw onderneming op dit moment al binnen het verlaagde BTW-tarief werkzaam is, zul jij vanaf 1 januari 2019 jouw prijzen met 3% moeten verhogen. Een alternatief is om jouw prijzen niet te verhogen en hierbij in te leveren op jouw eigen winstmarge.

Bij een stijging van 3% op de prijzen, komt vaak een verlaagde afname van producten en diensten kijken. Deze worden duurder, waardoor men minder zal afnemen. Dit zal geen extreme gevolgen hebben, maar heeft uiteindelijk toch een lichte invloed op de totale omzet die een onderneming draait.

Er wordt verwacht dat vooral de horeca hierdoor getroffen wordt. Denk hierbij aan restaurants die op grote schaal maaltijden bereiden en vanaf 1 januari een 3% prijsstijging moeten doorvoeren.

Ondernemers zoals fietsenmakers zullen over het algemeen minder merken van de prijsstijging. Een fietsbeurt van €50 wordt voortaan €1,50 duurder – dit zal door consumenten over het algemeen niet als extreem worden gezien. Daardoor zullen de veranderingen in omzet van deze bedrijven geen grote klap krijgen.

Wat vooral belangrijk is voor deze bedrijven, is de doelgroep waar zij zich op richten. Ondernemers die zich op de onderste laag van de bevolking richten (de 20% Nederlanders met het laagste inkomen), zullen vooral te maken krijgen met een verminderde koopkracht. Tenslotte is het voor deze consumenten vaak al moeilijk de maand door te komen. Een prijsstijging zal hierdoor leiden tot een lagere koopkracht.

Dit verandert er voor bedrijven die werken voor bedrijven met het verlaagde BTW-tarief

Deze kleine stijging in het BTW-tarief zal ook voor leveranciers en partners van deze bedrijven een invloed hebben op de omzet.

Eerder dit jaar is er in opdracht van VBW een onderzoek uitgevoerd door onderzoeksbureau Decisio naar het effect van het nieuwe verlaagde BTW-tarief op bloemisten. In dit onderzoek kwam naar voren dat niet alleen bloemisten te maken zullen krijgen met een lagere koopkracht.

Zo zullen ook de leveranciers van bloemisten te maken krijgen met een lagere afname. Wanneer de prijzen van bloemen stijgen, worden er minder bloemen verkocht. En wanneer bloemisten minder bloemen verkopen, kopen zij minder in bij de leveranciers.

Vervolgens trekt deze verlaagde afname zich door naar bloemenkwekers. Zij hoeven minder bloemen te kweken waardoor zij ook minder apparatuur, zaden en andere benodigdheden inkopen. En dat heeft weer tot gevolg dat de leveranciers van bloemenkwekers een lagere afname zien.

De daling in koopkracht stroomt dus door naar een gehele markt en kan zich vanuit deze markt ook weer uitbreiden naar andere markten. Uiteindelijk zullen dus een groot aantal bedrijven vanaf 1 januari 2019 een kleine afname merken.

Bovendien wordt voorspeld dat het binnen deze sectoren ook gaat leiden tot minder banen. Zo blijkt uit het onderzoek van Decisio dat er binnen de bloemenmarkt alleen al 214 banen verloren gaan door deze stijging het in BTW-tarief. Dit zal dan ook voor andere markten gelden.

Jij gaat zelf ook op een groot aantal plekken meer BTW betalen

Vanaf 1 januari 2019 zul je merken dat je op een groot aantal locaties wat meer betaalt. Denk aan dat bakje koffie dat jij met de klant drinkt, de zakelijke lunch en vergelijkbare kostenposten.

Maar ook de producten en diensten die jij privé aanschaft, als consument, worden duurder. Denk aan medicijnen die jij koopt, het laten plaatsen van een dakkapel of een treinrit.

Deze kostenposten stijgen met 3%. Vervolgens moet jij bij de BTW-aangifte ook rekening houden dat er vanaf volgend jaar een hoger BTW-tarief voor dergelijke diensten geldt.  Diensten die nu nog met 6% worden belast zullen vanaf volgend jaar op het belastingformulier met 9% moeten worden belast.

De Belastingdienst geeft op haar website aan dat de volgende diensten en producten binnenkort met een tarief van 9% worden belast:

  • Fietsen repareren
  • Schoeisel en lederwaren repareren
  • Kleding en huishoudlinnen repareren
  • Diensten van kappers
  • Werkzaamheden aan woningen
  • Kampeergelegenheid bieden
  • Logies
  • Cultuur en recreatie
  • Uitvoerende kunstenaars
  • Sport waaronder zwembaden en sauna’s
  • Personenvervoer
  • Opleveren van goederen, zoals opkweken van planten en opfokken van dieren
  • Verkopen van voedingsmiddelen in de horeca
  • Verhuren, herstellen, onderhouden, aanpassen, passen en gebruiksklaar maken van (medische) hulpmiddelen
  • Uitlenen van boeken en periodieken

Uiteindelijk zal dit voor zowel particuliere als zakelijke aankopen invloed hebben op de totale BTW die jij gedurende het jaar betaalt.

Laat een reactie achter