Algemeen

‘Showrooming’: Kijken, kijken, niet kopen1 min lezen

Showrooming, in een winkel spullen bekijken en proberen, maar niet ter plaatse kopen, komt vaak voor. De belangrijkste reden om een product uiteindelijke bij een webwinkel te bestellen is kostenbesparing. Maar ook niet-financiële factoren spelen een rol, zoals bijvoorbeeld slechte service in een winkel, of lang moeten wachten tot je wordt geholpen.

Daarom is het aannemen van extra verkoopmedewerkers voor fysieke winkels de beste manier om de concurrentie aan te gaan met webwinkels. Deze conclusie trekken Peter Verhoef, hoogleraar marketing aan de Rijksuniversiteit Groningen, Sonja Gensler (University of Münster) en Scott Neslin (Tuck School of Business in Dartmouth) in hun onderzoek naar showrooming.

Terug naar de basis
Peter Verhoef vindt dat traditionele winkeliers zich moeten inzetten om het fysieke aspect van hun zaak juist in te zetten als sterk punt. ‘Zij moeten veel actiever worden in het benaderen van potentiële klanten, wanneer die in hun winkel komen.’

‘Geïnteresseerde kijkers moeten meteen geholpen worden. Terug naar de basis is het devies. Zorg voor extra en actief verkooppersoneel in de winkel.’

Meer verkopers, minder showrooming
Wanneer er meer verkopers zijn, komt volgens Verhoef showrooming aanzienlijk minder voor. ‘Dat heeft meer resultaat dan extra verkooptraining voor het huidige personeel, omdat uit ons onderzoek blijkt dat de kwaliteit van een verkoopmedewerker geen significante invloed heeft op showroomen.’

Aan het onderzoek werkten ruim 550 consumenten mee.